2 mei 2011

Murakami voor moederdag

'Ten zuiden van de grens' van  Murakami herlezen. En me afgevraagd waarom dat boek niet gewoon weer  'Norwegian wood' heet, naar het liedje van de Beatles.  Ik weet wel ...  die titel heeft M. al gebruikt voor de roman waarmee hij beroemd werd, maar hij had ook nu weer prima de lading gedekt. 

Norwegian Wood - John Lennon
and when I awoke - 
I was alone - 
this bird had flown. 

Ten zuiden van de grens - Murakami:  
Maar toen ik wakker werd,
was ik alleen. 
Ze was nergens te zien. 

[ Trouwens, we zijn nog maar net op gang in De opwindvogelkronieken [bldz 34] of Murakami schrijft:
Toen ik wakker werd,
was ik alleen. [...]
van het meisje ontbrak ieder spoor.... 
dus misschien moeten we de boeken van M. zien als hoofdstukken in het 'ongoing ' feuilleton Norwegian Wood .]

In beide gevallen [de Beatles-song en Ten zuiden...] wordt het mysterie niet opgelost. Waarom ze verdwenen is, waarheen ze gegaan is, we weten het niet en we gaan daar ook niet achter komen. Net als in het liedje wordt in de boeken van Murakami het mysterie geformuleerd in klare taal. Je leest een aantal doodgewone zinnen over dagelijkse dingen, bijna zakelijke mededelingen over routinematige beslommeringen, opsommingen, herhalingen ook, en dan komt plotseling dat zinnetje dat het raadsel introduceert, dat vervreemdend werkt en spanning brengt,  b.v.: Vreemd genoeg kwam ze altijd op avonden waarop het stilletjes regende . (...?...).
Fameus is Murakami's heldere beeldspraak. En die ziet er bepaald niet uit zoals Tim Krabbé ons wilde doen geloven in De Wereld Draait Door, waar hij kwam getuigen van zijn liefde voor het werk van M. Hij is een apostel op een stoomwals. Hij is een heraut met een turbotrompet. Hij gaf een voorbeeld van de meesterlijke beeldspraak en kwam met het volgende :
Een mindere schrijver zou schrijven ( zei Krabbé) : “Ze zaten niet op dezelfde golflengte”, maar hij (Murakami) schrijft: “Als de Dalai Lama op sterven had gelegen en Erik Dolphy had hem via modulaties in het timbre van zijn basklarinet nog duidelijk willen maken hoe belangrijk het is om de juiste motorolie voor je auto te kiezen, dan hadden ze beter met elkaar gecommuniceerd dan ik met Noboru Wataya.
Dat is proza voor praalhanzen. Anders gezegd, dit fragment staat wel in 'De opwindvogelkronieken' maar het is niet bepaald een karakteristiek voorbeeld van de beeldspraak van Murakami en het lijkt vooral gekozen om indruk te maken. Doorgaans gaat het heel anders toe. Voorbeeld van de 'glasheldere' metaforen uit hetzelfde boek: [bldz 36] [...] zat ze moederziel alleen op de grond in een donkere kamer. In haar grijze blouse, roerloos en met de benen opgetrokken, was ze net een stuk bagage dat op de verkeerde plaats was neergezet. Heerlijk beeld, toch? Of, uit 'Ten zuiden van de grens': "Haar gezicht had geen enkele uitdrukking. Nee, dat is het niet precies. Uit haar gezicht was elke uitdrukking verdwenen... het deed me denken aan een kamer waaruit alle meubilair was weggehaald. Dat is de metafoor en dan kan hij het beeld nog versterken met : (...) maar uit haar gezicht sprak niets. Of het moest grenzeloze leegte zijn die ze wilde uitdrukken"... Zo pak je dat aan. Geen lange zinnen, geen ingewikkelde constructies ...alles helder, kort en bondig . Gewoner dan gewoon is zijn taal... Zoals zelfs het meest fascinerende labyrint is opgebouwd uit saaie, gelijkvormige, geschoren hagen wordt Murakami's mysterie kalmpjes ontvouwd in eenvoudige zinnen. Er wordt niet gepronkt met encyclopedische kennis, er wordt niet opzichtig gerefereerd aan geschiedenis of mythologie, het wordt nooit een vertelling voor ingewijden. Iedereen kan het lezen , iedereen kan de tekst begrijpen, ook al krijg je de nagel niet echt achter het mysterie en eindigen we allemaal gegarandeerd met een eigen verhaal. Hoe dan ook, Murakami schrijft 'gewoon'.
 
Desondanks  heeft hij snob-appeal en er is geen schrijver wiens ontdekking door meer mensen geclaimd wordt. Op het internet wemelt het van figuren die opgewonden getuigen hoe zij hun eerste Murakami oppakten in ...zomaar een boekwinkeltje... en onmiddellijk verslingerd raakten. Zelf ontdekt...een nog 'geheim' meesterwerk! Maar dan volgt het dilemma: stilhouden of getuigen. Genieten van je positie van ingewijde of showen en het uitschreeuwen.
De snob vecht met de apostel maar de uitslag wachten we niet af, want wij boekverkopers, wij kennen dat dilemma niet. Wij houden van hardlopers, van boeken die lekker verkopen, wij houden zelfs van millionsellers . En wij weten...iedereen kan Murakami lezen en waarderen. Murakami  is minder exclusief dan de uitverkorenen van het eerste uur zouden wensen. Van Murakami 's werk kun je heel goed genieten zonder dat je alle verhaalplots kunt duiden. Murakami laat het raadsel het raadsel, zoals het leven dat heel vaak ook doet. En juist daarom zeggen wij:  Murakami voor de massa, Murakami voor Moederdag!


29 apr. 2011

Philip Kerr is de nieuwe Chandler

Philip Kerr is een Schotse thriller-schrijver die een snel groeiende schare fans over de hele wereld weet aan te spreken met zijn serie over privé-detective Bernie Gunther. Zijn boeken spelen zich af in de jaren na de Tweede Wereldoorlog, in een totaal kapot gebombardeerd Berlijn en een gedesillusioneerd Duitsland. Oorlogsmisdadigers proberen te ontkomen aan de geallieerden en hun oorlogstribunalen. Ze vluchten naar alle uithoeken van de wereld waar fascistoïde dictators en geheime netwerken van Nazi-tuig hen bescherming bieden. Maar Gunther spoort ze op en achtervolgt ze, onverstoorbaar en met ware doodsverachting. In flashbacks tekent Kerr Hitlers sinistere Duitsland van voor en tijdens de oorlog en na lezing van ieder deel wordt het moeilijker de menselijke soort nog met enig respect te blijven bezien. Met dit effect op de lezer spreekt het bijna vanzelf dat Philip Kerrs werk qua sfeer en thema geassocieerd wordt met de Film Noir.

Film noir is eigenlijk niet zozeer een genre, maar een stijl van filmen die vanaf begin jaren '40 tot eind '50 werd beoefend, vooral in de VS. De 'klassieke periode' van de Film noir begint met John Hustons The Maltese Falcon in 1941. Film noirs zijn doorgaans in zwart-wit opgenomen, spelen in een grote stad en er heerst een sfeer van  vervreemding, ontgoocheling, pessimisme, paranoia, morele ontwrichting  en corruptie. De hoofdpersoon is bijna altijd een eenling, cynisch en hard, een man die zijn idealen reeds lang met het grofvuil heeft meegegeven. Hij ontmoet gaandeweg een -fatale?- vrouw, die er qua geestesgesteldheid niet veel zonniger aan toe is, en tussen hen spelen zich verwikkelingen af die zelfs de grootste romantici onder ons de hoop ontnemen. De term Film Noir is geïntroduceerd door de Franse criticus Nino Frank, die de donkere stijl van het nieuwe Amerikaanse genre vergeleek met een detective-serie die 'Serie Noir' heette. Het literaire 'Noir' genre is geïnspireerd op het werk van Amerikaanse misdaadauteurs als Dashiell Hammett en Raymond Chandler, de films die erop geënt zijn werden gedraaid in contrastrijk zwart-wit met lange schaduwen zoals gebruikelijk in de Duitse expressionistische film [Fritz Lang]. Op het genre hebben allerlei invloeden ingewerkt.... we noemen o.a.: [ de vormgeving van ] de film Citizen Kane van Orson Wells, de Tweede Wereldoorlog en de morele ontreddering die daarmee gepaard ging, het Fascisme en daarna de Koude Oorlog. En met deze verwijzingen is de cirkel rond want Philip Kerrs verhalen spelen zich af in precies die periode [ 1933 - eind jaren vijftig ], zijn hoofdrolspeler heeft het cynisme en het flegma van de Humphrey Bogart die Philip Marlowe of Sam Spade speelt. We herkennen de hard-boiled detective, de wisecracks, de illusieloze 'gelaten' onverzettelijkheid, de paranoia en de vervreemding. Daar voegen we nog aan toe dat Kerrs Bernie Gunther boeken net zo'n complexe, bij tijd en wijle verwarrende, en soms schijnbaar onlogische plots hebben als The Big Sleep, een van de [verfilmde] meesterwerken van Chandler. Dat alles leidt bijna onontkoombaar tot de conclusie dat Philip Kerr de Raymond Chandler van onze tijd is. Een mooier compliment kunnen we zo snel niet bedenken.


Philip Kerr (1956) werd geboren in Edinburgh, en woont met zijn gezin in Londen. Zijn vaste hoofdpersoon Bernie Gunther maakte zijn opwachting in de Berlijnse trilogie. Kerr schreef vervolgens De een van de ander, Een stille vlam en Als de doden niet herrijzen, die met prijzen en lof werden overladen. Zo werd De een van de ander in 2007 door zowel de Volkskrant als NRC Handelsblad verkozen tot beste thriller van het jaar; weekblad Vrij Nederland verkoos Als de doden nier herrijzen in 2010 tot VN-thriller van het jaar. Kerrs meest recente boek is Grijs verleden, dat in maart 2011 verscheen. Alle Bernie Gunther-thrillers zijn gebaseerd op werkelijke gebeurtenissen.

28 apr. 2011

De 50 klassieken van NRC-Handelsblad

Naar aanleiding van het vorige item - De 50 beste...? - vragen klanten in de boekwinkel of we die lijst bij de hand hebben, zodat ze hem even kunnen doornemen. Daarom geef ik hem hieronder weer, en...ik kan niet nalaten te vermelden... het gros van de titels hebben we in huis!

De klassieken zoals geselecteerd door NRC-Handelsblad:

J. Bernlef: Hersenschimmen, in 84% van de winkels aanwezig
T. Rosenboom: Publieke werken 79%
Leo Tolstoj - Oorlog en vrede 78%
Multatuli - Max Havelaar 76%
Gerard Reve - De avonden 74%
Harry Mulisch - Het stenen bruidsbed 72%
Ida Gerhardt - Verzamelde gedichten 70%
Jonathan Littell - De welwillenden 69%
Willem Frederik Hermans - De donkere kamer van Damokles 66%
Gabriel García Márquez - Honderd jaar eenzaamheid 66%
Dante - De goddelijke komedie 66%
F.M. Dostojevski - Misdaad en straf 65%
Lewis Carroll - Alice in Wonderland 65%
Vladimir Nabokov - Lolita 63%
Willem Elsschot - Kaas 63%
Haasse - Het woud der verwachting 61%
Desiderius Erasmus - Lof der Zotheid 61%
Gustave Flaubert - Madame Bovary 58%
Nescio - De uitvreter 57%
Miguel de Cervantes - Don Quichot 54%
Grunberg - Blauwe maandagen 54%
Herman Melville - Moby-Dick 53%
F. Bordewijk - Karakter 53%
Jan Wolkers - Turks fruit 51%
Thomas Mann - De Toverberg 51%
Hugo Claus - Het verdriet van België 48%
Emily Brontë - Woeste hoogten 48%
Louis Couperus - Eline Vere 48%
Herman Gorter - Mei 47%
Kafka - De gedaanteverwisseling 47%
George Orwell - 1984 46%
Achterberg - Verzamelde gedichten 45%
L.-F. Céline - Dood op krediet 44%
J. Huizinga - Herfsttij der Middeleeuwen 43%
Theo Thijssen - Kees de jongen 41%
Italo Svevo - Bekentenissen van Zeno 40%
Joseph Conrad - Hart der duisternis 39%
Pessoa - Het boek der rusteloosheid 39%
M. Nijhoff - Verzamelde gedichten 38%
J.J. Voskuil - Het Bureau 35%
Marcel Proust - De kant van Swann 31%
Albert Camus - De pest 28%
Vd Heijden - Advocaat van de hanen 28%
Frans Kellendonk - Mystiek lichaam 28%
Stendhal - De Kartuize van Parma 27%
Salman Rushdie - De duivelsverzen 27%
Günter Grass - De blikken trom 24%
Frederik van Eeden - Van den koele meren des doods 23%
L.P. Boon - De Kapellekensbaan 16%
S.Vestdijk - De kellner en de levenden 15%

Het in voorraad hebben van een dergelijke lijst klassiekers is niet zo vanzelfsprekend als het lijkt. Zoals NRC-journalist Arjen Fortuin in een begeleidend artikel opmerkt: 'je moet het maar kunnen betalen'. Sommige van die titels staan maanden of zelfs jaren in de winkel voor ze verkocht worden. Om rendabel te zijn moet je een zekere omloopsnelheid hebben, dat is nu eenmaal een economische wet. En ... de concurrentie van internetboekwinkels plus een zekere 'ontlezing' [althans van literair werk - men leest allerlei andere tekst of 'content' op het net en dat vraagt ook tijd en aandacht] maken dat veel 'stenen' boekwinkels niet veel financiële armslag meer hebben. Fortuins artikel eindigt met een beschrijving van de fratsen die winkeliers verzinnen om klanten te binden, maar, zo besluit hij, 'een boekhandelaar kan ook gewoon aan klantenbinding doen door te zeggen: koop dit boek bij mij, dan kan deze winkel blijven bestaan'. Dat zeg ik dan bij deze!

4 apr. 2011

De 50 beste...?

NRC-journalist Arjen Fortuin denkt terug aan zijn jeugd en aan zijn boekwinkel van toen ... "zo vol kasten dat het onvoorstelbaar was dat er boeken niet waren"  Dat leek zo,  toen... in de ogen van een kleine jongen. Dat is nu wel anders. Vandaag de dag bepaalt meestal de omzetsnelheid welke boeken we op voorraad houden en welke niet. Er is weinig financiële speelruimte dus je laat je niet [teveel] leiden door persoonlijke literaire voorkeuren of verzameldrift of voor mijn part door snobistische motieven. Je doet aan verstandig voorraadbeheer of je gaat ten onder.

Maar goed, Fortuins mijmeringen roepen de vraag op: Bestaan er nog boekhandels die alles hebben ... boekhandels waar je de klassieken zo van de plank plukt? Meten is weten. De redactie van het boeken-katern van de kwaliteitskrant stelde een lijst samen van 50 klassieke titels, van 50 must-haves. Wij hebben in onze winkel ook geteld, want wij willen wel bij de besten horen, en we kwamen een heel eind . Maar wat jammer nou... niet Mei van Gorter, maar wel Verzen, niet De pest van Camus, maar wel De vreemdeling, niet Dood op krediet van Celine maar wel Reis naar het einde van de nacht...en van Stendhal niet De Kartuize van Parma, maar wel Het rood en het zwart. Het is om gek van te worden ...zo redden we het niet...net niet bij de beste 50.

En we lieten ons nog wel leiden door hetzelfde uitgelezen gezelschap dat voor Atheneum de beste 100 [baas boven baas] selecteerde voor de Perpetua-reeks. Maarten Asscher, Kees Fens, Arnon Grunberg, Piet Gerbrandy, Hella S. Haasse en Kristien Hemmerechts, ga daar maar eens tegenin. Fortuin en consorten wel ...en omdat wij er zo graag bij willen horen gaan we volgend jaar ten onder, aan onze verzamelwoede...de lijst Fortuin, de lijst Atheneum, en vast nog wel een lijst Ik weet het nog beter ... Wat moet dat moet, we willen nu eenmaal meetellen...en dat in een tijd waarin iedereen de halve dag op internet leest en blogt en speelt en straks eBoeken download waar je als boekhandelaar niks meer aan verdient...in ieder geval niet genoeg om meerdere klassieke canons in huis te halen en te houden.

21 mrt. 2011

HhhH
HhhH - Himmlers hersens heten Heydrich

Dit bijzondere werk van de Fransman Laurent Binet is onderscheiden met de Prix Goncourt du premier roman, de prijs voor het beste debuut in Frankrijk. Het draait in dit boek om de aanslag op Heydrich in Praag in mei 1942. Heydrich was, samen met Hitler en Himmler, de stuwende kracht achter de Holocaust. [ Heydrich was chef van de Gestapo en de SD, de geheime dienst. Hij was tevens de oprichter van de gevreesde Einsatzgruppen, de paramilitaire doodseskaders, die zich voornamelijk aan het Oostfront schuldig maakten aan zuiveringen door executies zonder enig vorm van proces. Heydrich was ook de initiatiefnemer van de Wannsee-conferentie, die werd gehouden op 20 januari 1942 en waarop werd beslist over de systematische uitroeiing van de Europese Joden. Ondertussen was Heydrich eind 1941 aangesteld als Reichsprotector van Bohemen en Moldavië. In die hoedanigheid overleed Heydrich op 4 juni 1942 aan de verwondingen, die hij had opgelopen door de aanslag enkele dagen eerder op 27 mei door twee Tsjechische parachutisten en leden van het verzet, Jozef Gabčik en Jan Kubiš. Als gevolg van die aanslag namen de Nazi’s op vreselijke wijze wraak. Twee dorpen Lidice en Ležáky werden volledig met de grond gelijk gemaakt, circa 1300 mannen, vrouwen en kinderen werden geëxecuteerd of kwamen om in kamp Ravensbrück.[ bron: Facetten van de Tweede Wereldoorlog nader belicht: Boekrecensies en verslagen.]


Het boek is iets nieuws in literair opzicht, het mengt genres op een originele manier. Documentatiemateriaal wordt bijeengebracht in een min of meer historisch werk [ Binet kon nauwelijks ophouden, hij bleef maar documentatiemateriaal verzamelen, de Tweede Wereldoorlog werd  een obsessie], maar er zijn passages ingeslopen die de dromen en de angsten van de aanslagplegers schetsen, en we zijn getuige van gesprekken tussen de drie gruwelijkste H's van de geschiedenis, Hitler - Himmler en Heydrich, die in werkelijkheid nooit zijn vastgelegd. Ze zijn aan de fantasie van Binet ontsproten maar ze hadden zonder meer kunnen plaats vinden. Hij geeft bovendien commentaar op scenes die hij net heeft beschreven, vraagt zich bijvoorbeeld af of dat hij nou wel zo had moeten aanpakken, hij laat de lezer delen in zijn wanhoop, in zijn aarzelingen, laat dat vervolgens allemaal staan, en concludeert "ik weet niet of ik dit bewaar' om tenslotte uit te komen bij: 'Ik kan deze geschiedenis niet vertellen zoals het zou moeten'. Die geschiedenis kan, zoals hier blijkt, wel degelijk verteld worden in deze bijzonder knappe 'non-fictie' roman met ingebouwd commentaar van de auteur.

Prijs: 19.95
als eBoek 15.95

Bestel HhhH...

20 jan. 2011

Vivian Maier - Straatfotografie

Over Vivian Maier - Een boek dat nog nog gemaakt moet worden.

In 2007 zoekt John Maloof, makelaar in Chicago, op een veiling naar fotomateriaal dat hij kan gebruiken voor een boek over de buurt waarin hij woont. Hij koopt een aantal dozen met negatieven voor 400 dollar.
Hij snuffelt vlotjes door de inhoud maar hij treft niets aan over zijn wijk, Portage Park, en bergt het zaakje op.
Maanden later bekijkt hij de foto's nogmaals, met meer aandacht, en nu wordt hij er door gegrepen. Hij beseft dat ze gemaakt zijn door iemand die zich kan meten met de allergrootsten uit de geschiedenis van de [straat]-fotografie, maar die desondanks volslagen onbekend is. Hij is in het bezit van meer dan 100.000 negatieven.

Maloof ontdekt dat ze gemaakt zijn door een alleenstaande vrouw die Vivian Maier heet, die werkte als nannie in gezinnen in Chicago. Maier werd geboren in New York in 1926 en ze leeft nog op het moment dat hij naar haar op zoek gaat. Hij ontdekt haar verblijfplaats pas als hij haar naam 'googled' en haar overlijdensadvertentie aantreft in april 2009. Wanneer Maloof op de fotosite Flickr iets van het werk laat zien krijgt hij een overdonderende hoeveelheid reacties en het begint hem te dagen dat hij met iets bijzonders van doen heeft. Hij pluist uit waar Maier gewerkt heeft , spreekt met de families waar ze voor de kinderen zorgde, probeert interesse te wekken bij kranten, musea en omroepen en hier en daar vindt hij de weerklank die het werk verdient. Dat resulteert bijvoorbeeld in deze reportage van 'Chicago Tonight'.


John Maloof schat dat Vivian Maier zo'n 125.000 foto's heeft gemaakt , waarvan er 1 op de 100 artistiek interessant is. Dan komt het er op neer dat er 1250 foto's zijn die de kwaliteit hebben om te worden opgenomen in fotoboeken. Bij 200 foto's per boek levert dat 6 delen op. Als je nou weet dat van Maiers materiaal nog 90.000 beelden moeten worden gedigitaliseerd en dat er nog 1000 onontwikkelde films [ nog eens 12.000 foto's ] bij zitten, dan weet je ook dat John Maloof aan het beheer van dit enorme archief en het uitgeven en exposeren van Vivian Maiers straatfotografie een levenstaak heeft.
Het eerste van die boeken is overigens reeds aangekondigd door Powerhouse Books [ een naam die voorwaar een energieke aanpak van dit monnikenwerk belooft] en we zijn benieuwd.